Rolling in historische binnenstad
[G2:4445 class=g2image_float_right]Nog eenmaal dansten de Rode petten, nog eenmaal wapperde de Klauwaard. "Vlaanderen ende Leu!" weerklonk de oude leuze aan het Centerke nabij het justitiepaleis. Een dertigtal verbonders -O tempora O semestersystemes- had zich aldaar verzameld om een laatste groet te brengen aan de studentikoziteit van het jaar onzes Heres 2007.
Na enige pinten (in het Centerke) begaven wij ons naar de kerstmarkt die tot onze verbazing op 1 kraampje na gesloten bleek te zijn. De resterende 15 mensen stonden verzameld rond een ‘Glühkriek'-kraampje. Inderdaad, warm bier. Gelukkig waren de meesten reeds in het stadium gekomen waar ‘alles hetzelfde smaakt'. Dit is, na de Blitzkrieg van de eerste slok, één van de eerste stadia in het massaconsumeren van alcoholische dranken. Zodoende ging de mars door alcoholland verder op een rustig tempo en dronk iedereen braaf zijn glühkriekje of desgewenst vanillejenever.
Om de pauwentemmende Vinny, verbondsraadvoorzitter en Hazes-fan, te plezieren en eigenlijk gewoon omdat wij daar graag komen (over overbodige argumentatie gesproken) deden wij de Postiljon op de Vrijdagsmarkt aan. Hier streelde de stem van wijlen André onze oren en een goudgeel glas verzachtte ons verdriet.
[G2:4505 class=g2image_float_left]Na een groepsfoto genomen te hebben met onze goede vriend J.V. Artevelde was De Spijker onze volgende tussenstop. Wat meteen opval toen we binnenkwamen was de waardin. Deze had een niet zo koosjere troef om te solliciteren naar horecajobs. Met haar grote neus -horresco referens- kon zij namelijk een pint meer dragen dan de andere waardinnen. Wat mij ook opviel was dat de eerste grenzen van 0,5 promille hier sneuvelden, de mensen van de Universiteit Antwerpen zouden op hun achterste poten staan bij het aanschouwen van onze Binge-drinksessie.
In Den Turk, ons volgende café, werden er voor de verandering nog wat pinten besteld en geledigd. Dit excentrieke café heeft een zeer grappige kaart. Het is mogelijk om hier ‘niets', ‘niets met ijs' of ‘niets in een glas' te kopen evenals allerlei uitvluchten voor het geval moeder de vrouw zou bellen zoals ‘ik was hier niet' en ‘ik ben hier heel de week niet geweest' waarbij de laatste uiteraard meer kost-non olet-. Deze grappigheden zijn getuige van het oude Vlaamse arbeidersleven, waar moeder de vrouw haar echtgenoot ging zoeken in de staminee, hopende dat hij nog niet zijn hele weekloon verkwanseld had.
Na Den Turk kwam nog de Platte Beurs, traditiegetrouw de afsluiter van deze rolling. Dankzij de goeie wil van de zelfstandige uitbater konden wij hier nog onze laatste pinten krijgen. Sommigen pasten wijselijk, anderen genoten nog even verder terwijl zij een zoveelste sterk verhaal deelden met hun omstaanders.
Achteraf trok een groot deel van de groep nog naar het Putje in de Overpoortstraat waar de marginal ‘kristalnacht' van de middelbare scholieren gelukkig al over zijn hoogtepunt heen was. Ze hadden het dit jaar iets te letterlijk opgenomen want de straten lag letterlijk vol met gebroken flessen.
Uw Vlaamsche Vriend
Pieter
- login of registreer om te reageren
