De Heilige Oorlog voor Politieke Correctheid

Geplaatst op Maandag, 17-08-15 om 16:23:46

Blog > De Heilige Oorlog voor Politieke Correctheid

Ruikt u dat ook? Die vage frisse zomergeur tussen de dampen van de Gentse binnenstad doet vermoeden dat het eindelijk weer zover is. Ja hoor, het is eindelijk weer komkommertijd! De uitgelezen weken voor mediakanalen om zich verder in het stof der ondermaatsheid te wentelen met gekopieerde lijstjes van "plaatsen waar u moet zijn geweest" of artikels over de meest recente borstvergroting in BV-land. Maar, niet te vergeten, ook de uitgelezen mogelijkheid voor politici en opiniemakers van Aldi-niveau om eindelijk boven te komen tussen de doorgaans nuttige bijdragen. De bedenkelijke hoofdprijs in de sectie "ontstellend simplistische dwaasheden" – een afdeling waar de laatste dagen een serieuze concurrentiestrijd woedt – gaat deze week echter naar Nadia Sminate (N-VA). In navolging van zovele internethelden en halfslachtige atheïstische missionarissen, richtte mevr. Sminate haar pijlen op de demonische kant van religie, want, zeg nu zelf, elk geloof heeft zich toch wel ergens aan bezondigd, een eenvoudige voorstelling van de zaken kan dan nooit kwaad, niewaar?

Hoofdschuldige van dienst: de alom gehate kruisvaarders, u weet wel, die enge knapen uit de geschiedenisboeken die er niet voor terugdeinsden om een Saraceen over de kling te jagen en op weg naar het Heilige Land een pogrom of tien te houden. Een trend die in rechte lijn door te trekken zou zijn naar... IS. Inderdaad, die andere vrolijke gezellen die de Levant trachten te bekeren tot de pastorale utopie van de profeet, waar verkrachting aanbidding heet en elke vrije christen solliciteert naar een onthoofding. Want, mocht u het niet weten, beiden schijnen courante jagers geweest te zijn van die andere slachtoffers van de wereldgeschiedenis: de minnaars van hetzelfde geslacht. Bezopen patriarchaat te paard dat de vredige moslimmaatschappijen op stelten zet aan de ene kant, haatbaarden met bekeringsdrang en iets te veel Europese fans aan de andere kant, dat moet kloppen. Alleen zo jammer dat een paar kilo aan recente historiografie de mooie vergelijking komt verknoeien. Geen bron die iets kan vertellen over die zogezegde "homojachten" van de 11de eeuw, geen kruisvaarder die naar Jeruzalem trok om de spieren los te gooien en tussen de soep en de patatten het Heilige Land te bevrijden van een vredige multiculturele maatschappij. De vragen die men immers moet stellen zijn namelijk anders. Het is niet de vraag of het ene kwaad het andere is, maar wat de nuances zijn van beide voorvallen en waar de doctrinaire verschillen zijn. Twee zwarte schapen naast elkaar plaatsen zou namelijk bijzonder goedkoop zijn.

"Hierosolyma est Perdita"
Allereerst is er dus de kwestie van de 'plotse' kruisvaarten. Wat bezielde paus Urbanus II om in Clermont op te roepen om het Heilig' Land te bevrijden? Waren we het dan in de eerste plaats verloren of speelde er meer? Een plotse ommezwaai in de middeleeuwse cultuur, waarbij pachters hun velden verlieten om voor het kruis te vechten en edelen hun hebben en houden verkochten om de barre tocht naar Jerusalem aan te vatten, veronderstelt meer dan een simplistische drang tot landjepik. Hoe vreemd het ook in moderne oren mag klinken, de motivaties van de duizenden vorsten en volksmensen was inherent religieus. Tekenend voor de hele periode is ook de godsvredebeweging die een gigantische ommekeer teweeg bracht vanuit het kloosterwezen. Overtreding van de kerkelijke geweldsarbitrage betekende sociale uitsluiting en een zekere hellevaart, begeleid door een bisschoppelijke banvloek. Dat de kerkelijke macht en de volkse piëteit een rol speelden, staat buiten kijf, maar waarom zouden duizenden hun volledige leven opgeven voor een mythische stad die men enkel kende van Bijbelpassages en pelgrimsverhalen? 

Instigator is ook hier een concrete dreiging. De bedreiging van de eigen idealen en leefwereld, die zowel jeugdige koppensnellers als vrijwilligers met een hoog cowboygehalte naar Syrië voeren, lagen ook aan de basis van de ommekeer van de 11de eeuw. De voorgaande eeuwen stonden immers bol van de apocalyptische tekenen die de kroniekschrijvers enkel bevestigden in hun paniek om een einde der tijden. De parel van Léon, het geroemde graf van Santiago de Compostella, was slechts een van de vele slachtoffers. Op 10 augustus 997 stortte een moslimleger onder leiding van (Al-Hajib) Al-Mansur (938-1002) zich op de stad en haar inwoners. De kathedraal werd met de grond gelijk gemaakt, de burgers ter plaatse beestachtig afgeslacht of onthoofd te Cordoba. Dat er ook hier religieuze motivatie in het spel was, mag niemand verbazen. Al-Mansur zag zichzelf oprecht als zwaard en schild van God, de versmelting van profetische leider en warlord. Een traditie die zijn wortels had bij de profeet zelve, onder de goddelijke ingeving "ik zal de harten van hen die ongelovig zijn schrik aanjagen. Houwt dan in op de nekken". Passages die niet direct terug te vinden zijn in het Nieuwe Testament, al kan dat uiteraard aan de vertaling liggen. Dat het geweld niet beperkt bleef tot de strijd tegen de vijand aan de poort, kan Cordoba getuigen. De import van Berbersoldaten zorgde niet zelden voor rassenrellen tegen de overgebleven lokale bevolking, de mythes over het tolerante moslimkoninkrijk ten spijt. Aan de andere kant van de wereld doken ook de eerste horrorverhalen op. Naast de courante moordpartijen onder de christelijke minderheden en het koeioneren van niet-moslims door vreemde ondernemingswetten, werd de aanval ook rechtstreeks geopend. Fatimidenvorst Al-Hakim startte in 1009 met een reeks ondernemingen die de naderende Apocalyps in de verf moesten zetten. De Kerk van de Wederopstanding werd geplunderd en verwoest, maar ook de symboliek moest eraan geloven: zo goed en zo kwaad als mogelijk werd ook het vermeende Heilige Graf vernietigd. 

Een lange voorgeschiedenis
De angstaanjagende verslagen waren een concreet scenario voor de Europese bevolking, de schrik was immers gegrond. De opmars van de islam had immers een schrikbarend hoog tempo. In anderhalve eeuw was de warrige bende kamelenhandelaars en predikers uitgegroeid tot een machtig rijk dat zich uitstrekte van het huidige Pakistan tot Frankrijk. Tot lang na Karel Martel bleef de Côte d'Azur immers onder bedreiging van jihadistenbendes, naar het aloude voorbeeld van hun Spaanse collega's. De Omajjadennederlaag bij Tours, die algemeen wordt omgeschreven als de Slag bij Poitiers (732), geeft eveneens aan hoe dichtbij het gevaar volgens de Europeanen was. De eeuwen tussen de Eerste Kruistocht en de overwinning van de Franken doet niets af van de dreiging, zo werden de Italiaanse kuststeden nog in 1004 gebrandschat door piratenvloten uit Noord-Afrika. De roof van slaven onder de Europese kustbewoners door deze piratenvloten, tot aan IJsland toe, zette zich door tot ver in de 18de eeuw, maar wordt jammerlijk vergeten in de populaire literatuur over slavenhandel. 

De buitenmaatse wreedheden werden ook als dusdanig gepercipieerd door de christenheid. Het Oude Testament, dat meer te maken heeft met de geschiedenis van het joodse volk dan een richtsnoer voor katholieken, staat weliswaar bol van de gruwelverhalen, maar de praxis was stukken complexer. Mozes had zich reeds over het concept van de 'rechtvaardige oorlog' gebogen, maar het was kerkvader Augustinus van Hippo die de gedachten bundelde. Een oorlog kon enkel gerechtvaardigd zijn wanneer ze door een legitieme monarch voor een rechtvaardig doel werd gesteld, zo meende hij. Belangrijker was echter de clausule die hij bijvoegde: ze moest met de "juiste instelling" gevoerd worden, buitensporig bloedvergieten was uit den boze. Een doctrine die echter wel de nodige creatieve bewerking kende door paus Urbanus II. De kerkvaders gingen nog verder dan Augustinus, tot grote frustratie van de vorsten die zich tegen herhaaldelijke invallen moesten verweren. Keizer Nikephoros, heerser over wat doorgaans het Byzantijnse Rijk genoemd wordt, verzocht dan ook zijn clerus om een passende doctrine uit te vaardigen die de strijd tegen de heidenen aan de grenzen moest onderschrijven en vergoelijken. Ondanks de druk van de keizer bleven de bisschoppen standvastig: wie doodde, ook al was het ter verdediging van medechristenen, verkeerde onherroepelijk in staat van zonde. Een conclusie die in schril contrast stond met de richtlijn van de vijand, voor wie sneuvelen voor het geloof net het hoogste goed was en is. 

Nood aan nuance
De manieren en motivaties van de legers van Al-Mansur en Al-Rahman doen verrassend actueel aan. ISIS bedient zich immers niet van een geschiedenisles, maar van het concrete doctrinaire werk van de stamvaders van hun geloof. Islam verketteren als schrikbarend monster op de drempel gaat echter te makkelijk, het slaat de bodem uit elke vergelijking en maakt de Levantijnse tegenstander een ondefinieerbare moloch van puur kwaad. Belangrijker is echter op te merken dat de bebaarde koppensnellers zich bedienen van de primitiefste vorm, het vroege jihadisme waarmee de eerste kaliefen hun geloofssysteem vorm gaven. Qua handelen en doctrine is er al bij al weinig veranderd. Volhouden dat onze angst voor dergelijke tendensen ongegrond is, zou even belachelijk zijn als de kruisvaarders op eenzelfde lijn zetten met het jihadisme dat tegenover hen stond, hoewel beiden interessante millenaristische parallellen kennen. Hannibal ad portas. De kraamkamer van onze Westerse beschaving wordt eens te meer bedreigd. Deze dreiging demoniseren is ze niet alleen loskoppelen van de essentieel religieuze motivaties, een makkelijke manier om enige schuld af te wentelen, maar ook buitengewoon onproductief. ISIS is niet uit het niets verschenen, het is een logisch product van verschillende factoren en interventies die de Syrische burgeroorlog hebben doen uitgroeien tot een brandhaard die de hele wereld bedreigt. Een kinderlijke zwart-wit vergelijking tussen twee plotse demonen, zoals mevr. Sminate uiteenzet, leidt nergens toe. Laten we de mythologisering van onze geschiedenis maar achterwege, politiek heeft nood aan nuance.